Op de openbare weg mag hij nog niet rijden, hij is pas dertien. Maar hier op het erf en op het land doet hij het wel. Samen met zijn vader koppelt hij de vlakmaker aan de trekker. Vanuit de schuur rijdt hij het land op, zijn ogen glimmen. ‘Niet te dicht langs de kanten, jongen’, roept zijn vader hem nog na.
Binnen is zijn moeder bezig met z’n jongere broer. Ze kleedt hem aan – de pyjamajas uit doen kan hij zelf – en haalt nieuw drinken voor hem. Tevreden gaat de jongste broer weer liggen in het bed dat in de kamer staat en kijkt op z’n tablet.
De grond is vlak genoeg. Hij zet de rode Case trekker in de schuur en loopt de boerderij in. Op het Kabouter Plop dekbed kliert en lacht hij wat met zijn broer. Soms kan hij met hem buitenspelen op de trampoline of zwemmen, maar dat is niet zo vaak. ‘Mijn moeder kan goed met hem praten, maar ik kan hem beter verstaan.’
In zijn eigen kamer speelt hij een videospel waarbij hij boer is en trekkers en machines koopt. Daarmee bewerkt hij het land om geld te verdienen. Van alle spellen die hij heeft, speelt hij dit spel het allermeest. Hij heeft al 8 miljoen verdiend. Natuurlijk wordt hij later boer, net als zijn vader en zijn opa. En zijn broertje gaat dan naar een huis voor kinderen net als hij. Daar kunnen ze wonen, koken, alles doen.
Hij gaat verder met oogsten op de Playstation, de combine scheidt de korrels van het stro. Dat wilde hij wel heel graag, samen met zijn broer een boerderij.
Maand: november 2019
Rust, reinheid en regelmaat

Wie weet

Mei 1963, een zomerse zondag. Een jaar of twintig is ze nog maar. Hij iets ouder. Ze zijn een middagje op pad, met vrienden naar het Zuidlaardermeer. Een stukje wandelen, daarna gaat hij haar trakteren op een kop koffie bij De Gouden Leeuw.
Zal hij haar ten huwelijk vragen? Hij denkt er wel over. Maar twijfelt of ze bij zijn familie past en of hij wel goed genoeg is voor die van haar. Zullen ze kinderen krijgen? Hij wil graag een zoon, voor later op de boerderij. Maar een dochter, daar zou hij net zoveel van houden.
Een jongen en een meisje, dat heeft zij het liefst, maar eerst samen iets opbouwen. Ze fantaseert over hoe het zal zijn met hem. In een eigen huis waar ze kunnen doen en laten wat ze willen. De kerkdienst misschien eens overslaan. Chinees halen op een doordeweekse dag. Of met het vliegtuig op vakantie naar een warm land.
Hij verwacht dat het fijn is, als hij thuiskomt van het melken en zij er al is. Dat ze de dag samen doorspreken en plannen maken voor als hij weer vrij is.
Wat is hij toch knap, droomt ze, slim ook, ruimdenkend. Ze passen goed bij elkaar. Maar ook weer niet te.
Hij omarmt haar nog iets steviger. ‘Klik’, zegt de camera. Ze is anders dan alle andere vrouwen die hij kent, daar is hij voor gevallen. En ook voor haar humor en directheid. Ook al is het soms een beetje te.
Wie weet zijn ze over vijftig, zestig jaar nog samen. Laten ze hier, precies op deze plek aan het Zuidlaardermeer weer een foto maken. Met alle kinderen en kleinkinderen erbij.
Beter niet te ver vooruitdenken, je weet maar nooit.