Liefde in tijden van wortels

undefined

Ha broer,
Je weet toch nog die ring die papa altijd om heeft, een brede gouden met zijn initialen erin? Letters? Vormen? Ach, je begrijpt het ook wel. Toen ik laatst bij hem was en we samen macaroni zaten te eten, vertelde hij dat hij die ring in 1966 van mama heeft gekregen, ik denk voor hun huwelijk of hun verloving misschien. Hij legde zijn hand op tafel, wees ernaar en zei dat die ring voor je neef is, straks als hij… Nou allemaal gehuil natuurlijk.
Weer met tranen vertelde ik het later aan je neef die vooral benieuwd was waar de letters voor stonden, de H is onze achternaam natuurlijk en de K papa’s voornaam. Maar de M van Marten, wie was dat ook alweer? Ja, jij bent ook naar hem vernoemd, net als papa. Marten was de opa van papa, oftewel de vader van oma Barbertje. Hij ligt begraven in Zoutkamp. Papa en ik zijn daar eens op de begraafplaats geweest toen we op zoek waren naar onze wortels. Overopa Marten is maar 46 jaar geworden. Hij was getrouwd met overoma Janna die achterbleef met negen kinderen, waarvan oma Barbertje de jongste was, net een half jaar oud. Heel triest allemaal. Maar wat wel weer mooi is, is de tekst die op de grafsteen staat: ‘Daar is maar als ééne schreede tusschen mij en tusschen den dood!’ Dat is een regel uit de Bijbel en betekent dat je maar één stap bij de dood vandaan bent. Of heel vrij vertaald, een ongeluk zit in een klein hoekje. Dat is iets waar ik heel lang over na kan denken, ook over dat uitroepteken trouwens, maar ik denk niet dat het jou wat boeit. Je neef ook niet, die maakt alweer grappen over het omsmelten van gouden ringen.
Nou, tot gauw hè?

Liefde in tijden van buiksnorren

Ha broer,
Wekenlang zittenhangenliggen je neef en nicht al in hun slaapkamers, komen er af en toe even uit om de koelkast open te doen en vooral de la eronder, die vol ligt met snoep en koek. En chips die je zwager opeet als ik allang in bed lig.
Je nicht heeft een opdracht gemaakt over de oorlog, toen papa nog een kleuter was. Hij heeft wel eens verteld dat hij de Duitsers voor Poepen uitschold. Vind jij vast ook heel erg grappig. Haar verslag ging over de verschillen tussen stad en platteland. Voorop stond een afbeelding van een schilderij met een heidelandschap, dat schilderij had iemand uit het westen destijds met opa nog geruild voor een zak graan. Vroeger hing ie bij opa en oma in de wc, weet je dat nog? Jee, wat was het daar koud, vooral als je moest poepen. Ja, alweer poepen ja.
Je neef moest een verslag schrijven over Kees de jongen, een boek over een Amsterdamse jongen van heel lang geleden, opa en oma waren toen nog niet eens geboren. Hij had hier en daar wat bladzijden gelezen en ik het hele boek. De vader van Kees gaat steeds meer en harder hoesten net zo lang tot ie dood is. Daar werd ik verdrietig van, maar je neef fleurde me weer op toen ie me zijn buiksnor liet zien. Ik had trouwens een 8 voor het verslag.
Je zwager zit nog steeds de hele dag te bellen over supercircles en expert leads en vandaag zei hij dat dat misschien het hele jaar nog wel gaat duren.
En ondertussen ben ik weer bij pap geweest. Het was echt gezellig, alsof we weer op cruise waren en samen door de Noorse fjorden voeren. Alleen was ik nu de enige die aan de borrel was. Er waren nootjes uit een soort kerstpakket wat nu coronapakket heet. Ik vond ze heerlijk en pap zei: ‘Kinst die de koezen wel kapot haauwen.’
Nou, tot gauw hè?

Liefde in tijden van aardappelpuree

Ha broer,

Laatst was ik alweer bij papa op bezoek. Ja, alweer ja. Zo vaak als de laatste tijd ben ik er nog nooit geweest. Ik ging appeltaart brengen en soep. Je nicht had die taart speciaal voor papa gebakken. Hij vond ’m lekker. Zijn vriend, onze stiefvader haha, deed er nog een dikke klont slagroom op. Weet je nog dat papa vroeger de slagroom zo vanuit de bus in onze mond spoot? Zoveel dat het over je kin droop.
En je zwager had allemaal bakjes bouillon gemaakt met lekker veel zout. Had ie ook zo op. Maar nu hoor ik dat hij de laatste paar dagen niet zoveel meer eet en drinkt. Eerst vond ik het erg, toen vond ik een mooie zin: ‘Zieke mensen gaan niet dood omdat ze niet meer eten en drinken, maar ze eten en drinken niet meer omdat ze doodgaan.’ En toen vond ik het minder erg.
Er zijn ook best veel dingen die niet verdrietig zijn. Je ex-zwager die appt dat hij van papa heeft geleerd hoe hij een man moet zijn. Onze oude buurvrouw van toen we nog op de boerderij woonden die een foto stuurde van een poesiealbum-versje dat papa had geschreven in 1964: ‘Al zal ik er dwars door hene gaan, mijn naam zal in je album staan.’ 1964, toen waren wij nog niet eens geboren. En ik word ook blij van de aardappelpuree die je zwager heeft gemaakt. Het klinkt vies, maar het smaakt naar troostende zalf. Wat zeg je? Heb jij liever kipsaté? Met broekpoep zeker, haha.
Nou, ik ga weer, de hond uitlaten. Had ik je dat wel verteld dat we een hond hebben? Ze heet Mokum en loopt de godganse dag achter je zwager aan. Tot snel!