Einde verhoal

Pap, hoe kijk jij eigenlijk terug op het afgelopen jaar? Het begon direct eigenlijk al slecht-slechter-slechtst. ‘Einde verhoal’, zei je begin januari al. Ik zou een ellendige opsomming kunnen maken die tot half mei zou duren met allemaal spuuglelijke woorden: MRI, chemokuur, coronatest, rollator, palliatieve sedatie, sterfbed. En na mei was het nog lang niet over, je laive zuske ging ook nog. En de hele wereld ging op slot.
Maar jij denkt, wil ik denken, liever terug aan wat er wel fijn was. Je zegelring die kleinzoon E elke dag draagt. Mijn spierballen, mede gekweekt door jouw inbreng. De kleine veranderingen die man R langzaam durft door te voeren in wat nu zijn huis is. De warme knuffels van kleindochter L, bij elke huilbui opnieuw. Ex A waar ik keer op keer mijn verhaal over jou kan doen. En schoonzoon E die maar liefde blijft geven.
En je ziet me ook nog vaak genoeg. Als ik door de polders naast de JC ArenA ren en na 10 kilometer doodmoe thuiskom. Eem zitten. Of veel te hard op M&M’s kauw. Kist die de koezen wel kapot houwen. Als ik de verwarming wat hoger draai. Eem tikje hoger. Zo hard train met PT D dat ik er duizelig van word. Most d’r nou wel mit stoppen. Of voor de zoveelste keer naar de foto van ons in Venetië tuur, het verdriet weer op zoek bij Ede Staal of bij de begrafenisfoto’s die vriendin I maakte. t Is goud, mien wicht, t is goud.
Goede voornemens voor volgend jaar, heb je die nog? Ik zie je nadenken, nee flauwekul allemaal. En bovendien, je bent al gestopt met roken. Je blijft het hele jaar gewoon lekker rustig in Bellingwolde, naast je zoon, met zicht op de baauwten en de boerderijen. En dan zorg ik ervoor dat je steen op de juiste plek komt te liggen. Want zoals het nu is, zo waarkt t nait.  

Op-slot-boek 2020-6 De brilstand

Voor het uitzoeken, laten maken en plaatsen van een grafsteen heb je een lange adem nodig. Ja, heel grappig ja. Grote broer R en ik stelden het een tijdje uit, maar aan het einde van de zomer zochten we een mooie steen uit. Ik heb het er hier al eerder over gehad, een steen uit hetzelfde Oostenrijkse gebergte als die van mijn broer. Natuursteenbedrijf T had alle gegevens uit 2001 nog, ook het lettertype dat destijds was gebruikt. Een bronsgieter ging aan de slag, maar na een dikke maand hadden we nog niks gehoord. Na wat aandringen kregen we een mail. Daarin stond onder andere dat de letters bij dezelfde bronsgieterij gemaakt waren, maar totaal afwijkend bleken van ‘de inscriptie van de bestaande steen’. Natuursteenbedrijf T maakte vervolgens ‘detailfoto’s ter plaatse’ en belde en mailde alle Nederlandse bronsgieterijen met de vraag of zij dit lettertype wel konden leveren. Dat lukte en broer R en ik waren blij met alle moeite die ze erin staken. Vorige week was het eindelijk zo ver. Ik kreeg foto’s per mail, grote broer R ging direct kijken. Resultaat? De steen was verkeerd geplaatst en de letters zaten niet goed vast. KOOS lag op de grond. R heeft de letters mee naar huis genomen en liet mij ze al face timend zien. Om de moed erin te houden, zette hij de letters op zijn neus. Precies op dat moment kwam man E binnen en vroeg hem: ‘Heb je een nieuwe bril?’
Excuses van natuursteenbedrijf T, ze kwamen KOOS direct ophalen en opnieuw vastlijmen en ook alle andere letters checken.
En die verkeerde plek? De steen van mijn vader staat te ver naar voren en niet één lijn met alle andere graven in de rij, ook niet met die van mijn broer. Natuursteenbedrijf T zei dat ze op de plek waar de piketpaal was geslagen zijn gaan graven. Beheerder A van de begraafplaats speelde de bal terug en wist zich ineens ook nog te herinneren dat de steen van mijn broer 20 jaar geleden te ver naar achteren was geplaatst en dat hij dat toen ook tegen mijn vader had gezegd. Nou, beheerder A, ik zal het mijn vader wel even vragen. Of nee, beter moeder A, die kan zich het misschien nog wél herinneren. Je kunt huilen om de liefdeloosheid van dit hele gebeuren en je kunt hard lachen dat de steen van mijn vader het verst vooraan staat van de hele rij. Haantje de voorste, ja, toch grappig ja. Het laatste nieuws is dat beheerder A het probleem afgelopen week met het bestuur heeft overlegd. Grote broer R en ik doen ondertussen net of we daar alle vertrouwen in hebben.
Wat dit allemaal met de lockdown, toch het onderwerp van deze stukjesreeks te maken heeft? Nou, niks.

Op-slot-boek 2020-5 Nieuwe armen

Ik heb warme chocolademelk voor personal trainer D meegenomen. De wereld op zijn kop, ja. Maar dat staat ie al langer. Tergend langzaam vaart er in de mist die boven de Amstel hangt een vrachtschip voorbij, alsof de schipper het tempo heeft aangepast aan de duur van een van de ergste oefeningen: in een squat staan, rechte rug, ontspannen schouders, tenen omhoog, beetje op de zijkant van de voeten, in elke hand een gewicht van 2,5 kilo (denk ik, het kan minder zijn, maar zo voelt het niet) en dan de armen zijwaarts heffen.
Toch blijf ik lachen. Ik lach als ik de battle rope (trainingstouw) op en neer zwaai en denk aan mijn middelbare leeftijd. Ik lach als ik mij met een suspension trainer (koord met handvaten dat aan een boom hangt) opdruk en denk aan borstkanker. Ik lach als ik drie sets van 15 deadlifts (stang met gewichten vanaf de grond optillen) doe en mijn vader hoor zeggen, ‘t kost een poar centen, moar din hest ook wat. En ik lach wat besmuikt als hij in mijn andere oor zegt: ‘Peerdje het veul stro neudeg.’ Mijn vader heeft al dat stro ook nog betaald… en als je het zo bekijkt, mij die nieuwe armen gegeven. Voor de kerst.
Al dat gesport kan natuurlijk niet alleen maar goed zijn. En inderdaad. Om dat uit te leggen, eerst wat voorkennis. Lelijke woorden, goede afloop. Bij mijn borstamputatie dik tien jaar geleden zijn ook okselklieren weggenomen. Dit heeft mij een arm die gevoelig is voor oedeemophoping bezorgd. Regelmatig naar fysio A en zo vaak mogelijk armkousen aan. Huidkleurig. Ik heb een aparte voor ’s nachts, ook huidkleurig, maar nog dikker en strakker. Zo’n nachtkous, daarvan heb ik net een nieuwe op maat ontvangen, na veel gezeur vergoed door de verzekering. Guess what? Door al dat getrain zijn mijn armen geslonken en is de kous veel te wijd.
Ondertussen thuis gaat het over Quincy Promes met z’n losse handjes en Thomas Acda met z’n sterrenstof. Vage vrienden van tienerzoon roepen op Insta op om te stemmen op Van Haga van het Forum. Een vriend van tienerdochter wordt preventief getest in verband met de aanstaande kerstvakantie naar familie in het buitenland en op FB staan een paar duimen omhoog voor het fluitconcert naast het torentje van Rutte. Gelukkig hebben we Michael Bublé nog. De hele dag. Op repeat. Mis deseos/Feliz Navidad is mijn lievelings.
I wanna wish you a Merry Christmas
Celebremos juntos la vida
I wanna wish you a Merry Christmas
Y que viva la alegría

Man E is er helemaal klaar mee.
Nog even wat filosofie om de komende dagen op te kauwen. Cabaretier en filosoof Tim Fransen schrijft in het artikel ‘De stoïcijn als medicijn’ in de Volkskant: ‘Een gedachte die alle stoïcijnen met elkaar gemeen hadden: wijsheid gaat over de verhouding tot jezelf. De wereld om ons heen ligt grotendeels buiten onze macht; het is dus zaak in elk geval heerser over onszelf te worden.’
Ben ik toch goed bezig met mijn nieuwe armen, maar eerst gaan ze even plat. Op de bank. Netflix. The Prom.