Je bent er

{Brieven aan mijn vader}

Ik heb je lang niet geschreven papa, maar daar is niet echt een reden voor. Het is alweer oktober, de maand dat je 82 wordt, dat je zoon er al 22 jaar niet meer is, mijn kanker 13 jaar geleden. Dat de bladeren. Dat de wind, de regen en het donker.
Vorige week was het eindelijk zo ver. Man E en ik gingen bij Danny op bezoek. We zouden er in november 2020 al heen, maar vanwege corona werd het uitgesteld, verschoven en ook nog verzet. Van tevoren had ik de merchandise met de magnolia al op Instagram uitgezocht en voor de zoveelste keer geluisterd naar ‘You’re always there tomorrow’ en ‘Do you think it was easy, saying goodbye’. Die man hoeft zijn mond maar open te doen en ja inderdaad, here we go.
Ik kan je vertellen over zijn paarse pak en zwart glimmende schoenen, de Sinatra-achtige blazers, het gospelkoor, de aanzwellende violen, de superstrakke rock & roll van The Devil’s Son. Maar het ging maar om één ding en dat was jij. Je was er. Je zat naast me op de bank, met je arm om me heen, lachte tijdens het Chinees eten naar je kleinkinderen, liep achter je rollator, vroeg man E hoe dat nou zat met dat witwassen en de bank, je pootte violen, keek liefdevol en hoofdschuddend naar je man ‘Wat e nou weer kocht het’, je melkte de koeien, lag in je kist en liep hand in hand met je zoon door de Zwanestraat. Je was er.
En vanmiddag ben je er weer. Als ik naar de documentaire Cow kijk, anderhalf uur lang een koe bestuderen. Benieuwd hoe jij de film zou vinden. Zondag zal je er ook zijn, dan ga ik met man E naar een concert van Albatros, waarin je man ook zingt. Het is in de Magnuskerk, waar we afscheid van je hebben genomen. Het is de eerste keer sinds. En ik verheug me erop. Dat jij er bent. Dat we nieuwe herinneringen maken.

Eén gedachte over “Je bent er”

Plaats een reactie