(1) We hadden allebei het examen Nederlands gemaakt, tienerdochter en ik. Zij in de gymzaal met 127 anderen, drie uur achter elkaar. Ik aan het bureau in de kamer, in twee dagen en met drie gezinsleden om me heen te koken, te praten en zonder oortjes in naar een scherm te kijken.
(2) Er waren vier teksten waarvan er drie met reizen te maken hadden (milieu, ecotoerisme en internationale banen) en eentje over de selfie-rage. Naar mijn smaak waren de meeste vragen nogal zakelijk en wiskundig. ‘Verklaar het gebruik van de woorden ‘helaas’ en ‘alleen maar’ in bovenstaand citaat.’ Of: ‘Maak de volgende impliciete redenering duidelijk en gebruik daarbij standpunt, hoofdargument en sub-argument.’ En: ‘Wat voegt alinea (6) toe aan alinea (5)?’ Deze laatste had ik fout, maar met een beetje geluk zou ik een 6,9 hebben gehaald.
(3) De tienerdochter kwam tierend thuis, hoe makkelijk het allemaal was en dat ze overal, ja echt overal, de aanhalingstekens was vergeten en hoe streng ze dat zouden berekenen. Ze gokte op een 6, maar wie weet zou de N-term ook nog naar beneden worden bijgesteld.
(4) ’s Avonds vertrok ik naar de boekenclub in de buurt, waar ‘mijn’ boek zou worden besproken. Elke bijeenkomst mag een van ons een boek aandragen voor de volgende keer en deze keer was het mijn voorstel, ‘Luister’ van Sacha Bronwasser. Ik was bij een lezing van haar geweest in de buurtboekhandel. Daar werd ze geïnterviewd door een fan die ook journalist bleek te zijn, wat het gesprek beslist niet ten goede kwam. Daar kwam nog bij dat bijna niemand van de aanwezige dames van middelbare leeftijd het boek had gelezen (ik wel, ik wel), dus mocht er niet worden gespoild. Terzijde: Waarom niet gewoon vergald of verpest? Omdat daar geen zelfstandige naamwoorden van zijn? Vergaller, verpester?
(5) Ook al had ik het boek in één ruk uitgelezen, het nietszeggende gesprek met de schrijfster drukte de pret wel wat. Een beetje zoals naar een film kijken waarvan je het boek al hebt gelezen. Het haalt het vaak niet. Je zou ook kunnen zeggen dat ik gewoon jaloers was, want Bronwasser is ook 54 jaar en heeft al twee boeken uitgegeven, maar dat zeg ik niet.
(6)De mening van de boekenclubleden was positief, ‘Luister’ kreeg de hoogste waardering van alle boeken die we tot nu toe hadden gelezen. Dat maakte mijn gevoelens van afgunst weer wat goed. Volgende week nog Engels, scheikunde, latijn en biologie.
(7) Oh ja, het juiste antwoord op de vraag wat alinea (6) toevoegde aan alinea (5) was antwoord C: een eerherstel van de emotie in alinea (5).