Hoera!

{Brieven aan mijn vader}

Afgelopen vrijdag stond ik voor je graf te dansen. Nieuwe broer R en ik hebben het geflikt. We hebben op de begraafplaats geluisterd naar de vierman sterke afvaardiging van de kerk, onze poot heel erg stijf gehouden, gezegd dat we niet voor de kosten van het verplaatsen van de steen wilden opdraaien, excuses afgedwongen, dat laatste was zinloos, maar nou ja, het moest. Na de zakelijke kant van het verhaal, liepen we terug naar de plek waar je lichaam ligt en deze keer was je ziel er ook. Je was trots op me, omdat het me gelukt was. Ik stond voor je graf te springen van plezier. Alsof ik gescoord had in een voetbalwedstrijd. ‘Papa, papa, kijk eens, wat ik kan!’
Gisteren kregen we ter bevestiging een lieve mail van de kerk. Het ging over betreuren, sterkte, dierbaren, en er stond in dat de steen verplaatst gaat worden en de plek van jou en je zoon één mooi geheel gaat worden. Kan ik binnenkort fijn de tulpenbollen poten en wat gras inzaaien.
Morgen heb je een jarige kleinzoon. Eentje die de volwassen leeftijd bereikt in een week vol schoolexamens, in een lockdown, met een mondkap op. Eentje die een doos vol Holtkamp gebak krijgt, een memorabel cadeau, een stapel pannenkoeken en twee metershoge folieballonnen: een 1 en een 8.
Nee, deze keer kom je niet op zijn verjaardag, maar dat zou sowieso lastig zijn geweest met die avondklok.

Zou het?

{Brieven aan mijn vader}
Je zou het een goede keus gevonden hebben. Een degelijke auto van Duitse makelij, zoals je zelf ook had. Een automaat, rijdt zoveel makkelijker. En ook nog deels elektrisch? Dat zou nieuw voor je zijn, maar daarover zou je dan vanaf nu alles lezen in de krant en mij er de voor- en nadelen over vertellen en waar we vooral op moesten letten. En je zou diep van binnen blij zijn, dat ik destijds zo’n man als E had uitgekozen, met een stabiele baan en een goed inkomen. Dij vent, doar kist wat mit.
Je zou me bellen om te vragen wat je kleinzoon voor z’n verjaardag wilde. Volgende week 18 alweer, je zou het je niet kunnen voorstellen. Wat gaat het leven toch snel voorbij. Geld zouden we afspreken, een flink bedrag zou je storten op zijn spaarrekening, zoals je elk jaar deed, en misschien deze keer nog wat meer. Kon ie mooi besteden aan zijn studie of z’n reis komende zomer naar Japan. ‘Hou komt e doar wel bie?‘, zou je je verbaasd afvragen en ondertussen zou je naar Reizen Waes kijken om meer over dat verre land te weten te komen.
Je zou giftig zijn. Over de plek waar je grafsteen is geplaatst. Dat je niet netjes naast je zoon ligt, zoals je 20 jaar geleden al had geregeld. Din koop ik n dubbel graf en goa noast m liggen. Schande spreken over beheerder A van de begraafplaats in Bellingwolde die niet eens de moeite neemt om te reageren, om samen een oplossing te zoeken. Je zou trots zijn op mijn vastberadenheid om het toch voor elkaar te krijgen. We zouden lachen om de onderste steen boven, de rockdown, haantje de voorste en alle grappen die ons zouden helpen deze klus wat lichter te maken. En nog harder lachen dat ik weer een pakket van 24 lessen bij personal trainer D heb afgenomen. Om als het echt moet, hoogstpersoonlijk die steen van 800 kilo te verschuiven.

Op-slot-boek-7 De elite

Hadden we net een hoopvolle email ontvangen van de rector van tienerzoon – geen medewerkers, geen leerlingen positief getest – bleek er twee dagen later toch weer een leerling met covid. In de klas van tienerzoon, ‘Nee, mam ik heb nog nooit naast haar gezeten!’ De halve klas ging in quarantaine, wat wel weer goed uitkwam met de anderhalve meter afstandseis op middelbare scholen die Rutte ineens uitvaardigde.
Ikzelf verdeed mijn tijd ondertussen met Bridgerton, natuurhuisje.nl en de podcast van Teun van der Keuken en Gijs Groenteman, een soort René van der Gijp en Johan Derksen. Maar dan elitair. Alleen de leader al: ‘Dit is de stem van de elite. Om lekker links, lekker rijk in je witte wijk van te genieten.’ En dat deed ik. Maar hoor je erbij, bij de elite als je links, wit en rijk bent? Dat vroeg ik mij af. Mag je jezelf elitair noemen als je een boerendochter bent? Als je zelf geen geld verdient? Antidepressiva slikt? Aan de andere kant, ik heb een labradoodle, een kind op een hoofdstedelijk categoraal gymnasium, een personal trainer… En wie bepaalt wie er wel of niet bij hoort? Teun en Gijs zelf misschien wel. Ik heb het ze via Instagram gevraagd, maar geen reactie. Dat kan ook komen door mijn moeizame relatie met dit sociale medium. Tienerdochter heeft gelukkig een briefje voor mij gemaakt, hoe dit stukje op Insta te posten. Als ik Insta zeg, lacht ze me uit.
1 maak screenshot van je stukje
2 ga naar verhalen, swipe omhoog en kies
3 klik op de t van tekst en schrijf waar je wilt + link in bio
Vooral dat link in bio, professioneel!
Man E kan Gijs Groenteman niet verdragen. En nu is ie ook nog wekelijks op tv, samen met Marcel van Roosmalen in het programma Media Inside. En Gijs kwam ook nog langs bij Jinek, met Teun en Marc-Marie en Aaf om te praten over hun podcasts. Heerlijk, ik bleef ervoor op. Ik hou van sterren. Zijn het wel sterren eigenlijk? Nou ja. Toen ik tijdens een dagje Amsterdam in 1985 Jenny Arean (!) op straat had gezien, noemde ex R mij al starfucker. Speaking of which, Álvarez woont bij ons in de straat, hij heeft een mintgroene Porsche en afgelopen week was Haller bij hem op bezoek, aldus buurvrouw J.
Ja, zo word ik natuurlijk nooit toegelaten tot de elite.

Einde verhoal

Pap, hoe kijk jij eigenlijk terug op het afgelopen jaar? Het begon direct eigenlijk al slecht-slechter-slechtst. ‘Einde verhoal’, zei je begin januari al. Ik zou een ellendige opsomming kunnen maken die tot half mei zou duren met allemaal spuuglelijke woorden: MRI, chemokuur, coronatest, rollator, palliatieve sedatie, sterfbed. En na mei was het nog lang niet over, je laive zuske ging ook nog. En de hele wereld ging op slot.
Maar jij denkt, wil ik denken, liever terug aan wat er wel fijn was. Je zegelring die kleinzoon E elke dag draagt. Mijn spierballen, mede gekweekt door jouw inbreng. De kleine veranderingen die man R langzaam durft door te voeren in wat nu zijn huis is. De warme knuffels van kleindochter L, bij elke huilbui opnieuw. Ex A waar ik keer op keer mijn verhaal over jou kan doen. En schoonzoon E die maar liefde blijft geven.
En je ziet me ook nog vaak genoeg. Als ik door de polders naast de JC ArenA ren en na 10 kilometer doodmoe thuiskom. Eem zitten. Of veel te hard op M&M’s kauw. Kist die de koezen wel kapot houwen. Als ik de verwarming wat hoger draai. Eem tikje hoger. Zo hard train met PT D dat ik er duizelig van word. Most d’r nou wel mit stoppen. Of voor de zoveelste keer naar de foto van ons in Venetië tuur, het verdriet weer op zoek bij Ede Staal of bij de begrafenisfoto’s die vriendin I maakte. t Is goud, mien wicht, t is goud.
Goede voornemens voor volgend jaar, heb je die nog? Ik zie je nadenken, nee flauwekul allemaal. En bovendien, je bent al gestopt met roken. Je blijft het hele jaar gewoon lekker rustig in Bellingwolde, naast je zoon, met zicht op de baauwten en de boerderijen. En dan zorg ik ervoor dat je steen op de juiste plek komt te liggen. Want zoals het nu is, zo waarkt t nait.  

Op-slot-boek 2020-6 De brilstand

Voor het uitzoeken, laten maken en plaatsen van een grafsteen heb je een lange adem nodig. Ja, heel grappig ja. Grote broer R en ik stelden het een tijdje uit, maar aan het einde van de zomer zochten we een mooie steen uit. Ik heb het er hier al eerder over gehad, een steen uit hetzelfde Oostenrijkse gebergte als die van mijn broer. Natuursteenbedrijf T had alle gegevens uit 2001 nog, ook het lettertype dat destijds was gebruikt. Een bronsgieter ging aan de slag, maar na een dikke maand hadden we nog niks gehoord. Na wat aandringen kregen we een mail. Daarin stond onder andere dat de letters bij dezelfde bronsgieterij gemaakt waren, maar totaal afwijkend bleken van ‘de inscriptie van de bestaande steen’. Natuursteenbedrijf T maakte vervolgens ‘detailfoto’s ter plaatse’ en belde en mailde alle Nederlandse bronsgieterijen met de vraag of zij dit lettertype wel konden leveren. Dat lukte en broer R en ik waren blij met alle moeite die ze erin staken. Vorige week was het eindelijk zo ver. Ik kreeg foto’s per mail, grote broer R ging direct kijken. Resultaat? De steen was verkeerd geplaatst en de letters zaten niet goed vast. KOOS lag op de grond. R heeft de letters mee naar huis genomen en liet mij ze al face timend zien. Om de moed erin te houden, zette hij de letters op zijn neus. Precies op dat moment kwam man E binnen en vroeg hem: ‘Heb je een nieuwe bril?’
Excuses van natuursteenbedrijf T, ze kwamen KOOS direct ophalen en opnieuw vastlijmen en ook alle andere letters checken.
En die verkeerde plek? De steen van mijn vader staat te ver naar voren en niet één lijn met alle andere graven in de rij, ook niet met die van mijn broer. Natuursteenbedrijf T zei dat ze op de plek waar de piketpaal was geslagen zijn gaan graven. Beheerder A van de begraafplaats speelde de bal terug en wist zich ineens ook nog te herinneren dat de steen van mijn broer 20 jaar geleden te ver naar achteren was geplaatst en dat hij dat toen ook tegen mijn vader had gezegd. Nou, beheerder A, ik zal het mijn vader wel even vragen. Of nee, beter moeder A, die kan zich het misschien nog wél herinneren. Je kunt huilen om de liefdeloosheid van dit hele gebeuren en je kunt hard lachen dat de steen van mijn vader het verst vooraan staat van de hele rij. Haantje de voorste, ja, toch grappig ja. Het laatste nieuws is dat beheerder A het probleem afgelopen week met het bestuur heeft overlegd. Grote broer R en ik doen ondertussen net of we daar alle vertrouwen in hebben.
Wat dit allemaal met de lockdown, toch het onderwerp van deze stukjesreeks te maken heeft? Nou, niks.