Geslaagd

Ook al wist ik wel dat ze het gehaald had, toch arriveerden de zenuwen een uur voordat ze gebeld zou worden. De aardbeienslof stond in de koelkast, inclusief een marsepeinen ‘geslaagd’ afbeelding erop. De cava was koud, de vlag gestreken en samen met de tas aan de stok geknoopt en de ‘hoera-geslaagd-feestje’ slinger zat al aan de regenpijp vast.
Toen de tijd bijna daar was ging ik stilletjes op de grond in de gang naast haar slaapkamerdeur wachten. Misschien hield ik van die fase van verwachting wel het meest. ‘Dank u… zeker… tot straks’, hoorde ik zachtjes door de deur.
Er was toch opluchting en blijdschap en ook al was ze nog net geen achttien, ze ontkurkte de fles en dronk mee. Foto’s, filmpjes, likes, felicitaties en stilstaan bij een campingvriendin die het niet had gehaald.
Hond M werd onrustig van deze ongebruikelijke taferelen. Dus ik lijnde haar aan en liep met haar in en uit de metro-onderdoorgang om haar te laten zwemmen in de Weespertrekvaart. Ineens was het verdriet daar. En ik vertelde mijn vader dat ze geslaagd was en dat man E en ik zo trots op haar waren. Hoe ze als mens gegroeid is. Wat ze allemaal geleerd heeft over zichzelf. Ik zag opa trots lachen en was kwaad dat hij er niet was. Toen de zoon slaagde was ie er ook al niet, waarom kon ik er niet aan wennen? Ik plukte een korenbloem en zette ‘m in het vaasje bij zijn foto. Het hielp niet, want het leven ging door.
Er moesten boodschappen en op social media was het druk. De juf van de basisschool dm’de dat de tienerdochter nog steeds een speciaal plekje bij haar heeft, moeder A danste met een Franse vlag gedrapeerd om haar lichaam op haar terras en mijn middelbare schoolvriendin stuurde bloemen.
‘s Avonds had de tienerdochter een feestje bij een ook geslaagde vriend. De ouders mochten mee, ik twijfelde maar ging toch. We kwamen aan bij een boot in de Prinsengracht. De boot lag als een soort voortuin aangemeerd voor een pand aan diezelfde gracht. Of alle vier verdiepingen van hen waren?
Er was Chardonnay in een grote ijsemmer, spareribs van de Green Egg, taart van Holtkamp. Er waren geslaagde zonen en dochters. Cum laude, een paar, en ze gingen naar Laos en Vietnam en met oma naar de Great Barrier Reef. Ze hadden een notenallergie, zongen mee met Smooth Operator van Sade en vonden mijn Ajax samba’s mooi. Hun ouders hadden alvast een studentenhuis voor ze gekocht, al hun kinderen op een categoraal gymnasium gedaan en leken elkaar te begrijpen. Ik wilde erbij horen, terwijl dat het laatste was wat ik wilde. Ik deed mijn best mezelf te zijn en te genieten van de ongelooflijke plek waar ik op zo’n mooie zomeravond zomaar zat en dat lukte een uur. In dat uur had ik verteld dat ik terug wilde naar Groningen, opgebiecht dat ik geen betaald werk had, gezegd dat ik het best spannend vond dat er bij ons met twee kinderen-klaar-met-de-middelbare-school een nieuwe fase aanbrak, maar geen sjoege gehad. Waarom wilde ik gezien worden door mensen die mij niet wilden zien?
De volgende ochtend wilde ik het aan de geslaagde dochter vragen maar ze zat net achter haar keyboard en zong ‘Proosten’ van Meau: ‘En ik stel iets minder vragen, want ik zie wel wat er komt.’

Bedoeling

Haar huid werd bleker, haar wallen donkerder, maar haar kledingstijl was overal tegen bestand. Na het laatste examen, biologie, kwam ze niet naar huis. Ik had gebakjes gekocht bij een decadente patisserie in Buitenveldert. Onaangeroerd stonden ze in de koelkast. Dit is dus precies de bedoeling dacht ik. Ik wil weten hoe het is gegaan en voor haar zorgen, ook al hoeft het niet meer, maar zij heeft een eigen leven.
Toen ik ’s avonds terugkwam van het sporten, waar ik en passant nog de juiste mening over het wel of niet huldigen van de Ajax vrouwen op het Leidseplein overnam, zat de tienerdochter op de bank. Ze kon zich met geen mogelijkheid voorstellen dat het nu echt allemaal achter de rug was. We deelden onze mening over de handtasjes in Selling Sunset (poedeltje, zeemeermin en vagina). Bio was moeilijk geweest, hopelijk net een voldoende. Ik gunde het mezelf om de laatste keer niet de opgaven te bekijken.
De twintiger ondertussen, had ook tentamens: lineaire algebra, databases en probability theory. Hij appte dat ik op de site van de VU die tentamens van vorig jaar kon opzoeken. Zo gek was ik niet, wel liet ik hem de geheime plek zien waar ik gedurende de CE-weken de mueslirepen voor de tienerdochter had verstopt. Er waren nog drie.
In de krant stond een duidelijke uitleg over de N-term. Het is een getal tussen de 0.0 en 2.0 en symboliseert de moeilijkheidsgraad van het examen. Hoe hoger de N-term hoe moeilijker het examen (vergeleken met andere jaren) en hoe minder goede antwoorden nodig zijn voor een voldoende.
Oh ja, de Ajax vrouwen: alleen de allerbeste sportploeg van Amsterdam moet worden gehuldigd op het Leidseplein. Dus niet de honkballers (m/v), niet de handballers (m/v) en de hockeyers (m/v) ook niet. Alleen de heren van Ajax 1. Tenminste, als de aanhang de boel niet afbreekt.
Half juni de vlag uit.

Niets blijft, niets vergaat

Er stond een artikel in het Parool over een klasgenoot van de tienerdochter. Zij was zes jaar geleden uitgeloot voor alle gymnasia van Amsterdam, terwijl ze toen al wist dat ze ‘iets’ met klassieke talen wilde gaan doen. Het meisje kon trouwens wel gewoon naar het vwo of naar een gymnasium in Velsen, maar dat was anderhalf uur fietsen.
De vader vertelde: ‘Ik zeg altijd tegen mijn kinderen dat ze hun best moeten doen. Als je dat doet, wordt dat beloond.’ En nu moest hij dat verhaal veranderen, omdat in Amsterdam het lot van kinderen met een dobbelsteen wordt bepaald. Andere ouders zeiden destijds tegen hem dat de taak van een ouder toch ook is om je kind met teleurstellingen te leren omgaan en dat uitloting dus een levensles is. Maar de vader vond het minstens zo belangrijk om aan je kind te laten zien dat je in een rechtsstaat woont en als je onrecht is aangedaan dat je dan je gelijk kunt gaan halen. ‘Entitlement’, zei de tienerdochter, die zelf, dat moet ook gezegd, mazzel met de loting had gehad.
En dus gingen ze naar de rechter waar ze verloren, maar toen was er ineens toch plek op een gymnasium. De directeur die verantwoordelijk was voor de centrale loting en matching liet ze wel beloven er niet mee naar de pers te stappen, anders zou het aanbod worden ingetrokken. De vader had hem een jaar later een foto van de cijferlijst (alleen maar achten en negens) van zijn dochter gemaild, met de tekst: ‘Zie je wel.’ En nee, ik verzin dit niet.
Ondertussen joeg in de plaats waar ik mijn diploma had gehaald de McDonald’s hangjongeren weg met klassieke muziek.
In de Volkskrant een tip van tienerdochters docent klassieke talen – ja ja het Amsterdamse categorale gymnasium liet ook landelijk van zich horen – over het eindexamen Latijn. Bij de proefvertaling was het verstandig een zin eerst tot het volgende leesteken te vertalen en dan het volgende stuk tot het volgende leesteken, tot je de hele zin had. Dat vertaalde makkelijker.
‘Suffe tips die je in de derde al krijgt.’
Alle teksten in het examen kwamen uit Metamorphosen, een dichtwerk van ongeveer 12.000 regels van de Romeinse dichter Ovidius. Niets blijft en niets vergaat is de grondgedachte van dit gedicht. Tekst 4 van het examen moest helemaal vertaald worden. Ik bleef hangen bij de vertaling van ‘Res ait arcana est’: het onderwerp is geheim. Morgen biologie.

Plopper

De tienerdochter had de grafische rekenmachine vergeten! Maar gelukkig lag ie in haar tas op de gang en mocht ze ’m nog snel voor het examen begon ophalen. De scheikundedocent had van tevoren nog een tip: als er bij een vraag twee formules en een oplossing werden gevraagd en je kon drie punten verdienen, kon je toch één punt verdienen ook al wist je maar één formule. Een advies waar je duidelijk wat mee kon. Ik klikte het examenblad open. Vier onderwerpen, 25 vragen. Ik deed mijn best.
Geef een reactievergelijking van stoffen die uiteindelijk biodiesel uit algen kunnen halen. Bereken de structuurformule van glyfosaat (onkruidverdelgingsmiddel). Ook was er nog iets met een lithium-luchtbatterij en moest je dingen bewijzen over lewisstructuren en redoxreacties. Ik baalde dat ik geen grafische rekenmachine had.
Redoxreactie, mooi woord, ik zocht de betekenis op: het zijn reacties tussen atomen, moleculen en/of ionen, waarbij een elektron uit zijn schil springt en terecht komt in… Op het bijbehorende plaatje waren een paar roestige batterijen afgebeeld. Dat was duidelijk.
Man E was thuis proefjes aan het doen. Hij tapete het overloopgat (ook dit moest ik opzoeken) van de spoelbak af en probeerde met de plopper de gootsteen te ontstoppen. Toen dat niet lukte, haalde hij de tien meter lange trekveer tevoorschijn en begon daarmee te raggen. Toen ook dat niet lukte, kwamen er twee mannetjes van de riool-reinigings-service langs. Met een nog langere, nog dikkere veer. Een paar minuten later was het gefixt.
Ondertussen liep mijn hoofd over van zoveel bèta-gedoe. Confuus keek ik in de agenda: morgen Chinees, oh nee Latijn.

Asfaltverzakking

Engels was het vijfde examen. De tienerdochter checkte de antwoorden die een half uur na het examen al online stonden en had drie fout. Met een N-term van 0,5 zou dat een 8,7 worden. Ik wist niet dat de N-term ook onder de 1 kon, maar het schijnt dat het niveau van de examens Engels gelijk blijft, terwijl de leerlingen wel steeds beter in de taal worden. Zo wordt het examen te makkelijk en gaat de N-term onder de 1. Het duizelde mij en het werd er niet beter op toen ik het tekstboekje virtueel doorbladerde. Twaalf teksten over onder andere ethiek, diversiteit, het hipster-effect, over beroemdheden die veel zijn afgevallen en een artikel over of Amerikaanse kinderen juist wel of geen grit nodig hebben. Waarbij ‘grit’ betekent: the ability to overcome any obstacle in pursuit of a long-term project.
Veel multiple choice en een paar open vragen die je in het Nederlands moest beantwoorden. Hoe kon ik een kind hebben dat hier maar drie vragen fout had?!
Om bij te komen liet ik hond M uit. De straat die de slagader van onze wijk vormt was bijna klaar. Hekken blokkeerden het kruispunt, maar de stoplichten werkten al wel. Hier ging mijn geest op pad. Ergens niet langs kunnen, maar wel moeten stoppen of doorrijden.
Vijf mannen in oranje pakken waren aan het boren in het pas geasfalteerde fietspad. ‘Putsteltechnieken’ stond er op hun machines. Dat ging ik opzoeken. Het bedrijf gebruikte een gecentreerd boorsysteem waardoor asfaltverzakkingen bij ronde putafdekkingen tot het verleden behoorden. Een ander voordeel van het systeem was dat hierdoor de putranden op dezelfde hoogte als het asfalt kwamen te liggen en bewoners zo geen last hadden van het bandengeluid wanneer auto’s over de put heen reden.
’s Avonds op de bank bij Kopen zonder Kijken verhuisde een stel van De Pijp naar een nieuwbouwwoning in Vught en bij Selling Sunset zag ik handtassen in de vorm van een poedeltje, een zeemeermin en een vagina. En zo eindigde de dag nog onbegrijpelijker. Morgen scheikunde.