
Behalve het trouwboekje en het echtscheidingsconvenant van mijn ouders vond ik in het bureaulaatje dat ik aan het opruimen was, ook het diploma van de Christelijke Middelbare Landbouwschool van mijn vader. Hij had het onderwijs aan voornoemde school met vrucht gevolgd en op 15 april 1959 z’n diploma gehaald, achttien was ie nog maar. Iemand had z’n initialen kunstig getekend met rode en zwarte inkt.
Toen ik z’n levensverhaal opschreef, vertelde hij mij dat het een tweejarige studie was, waar hij en z’n broer na elkaar naartoe gingen. Als de ene op de opleiding zat hielp de andere op de boerderij en andersom. Mijn vader was bij een familie aan het Hoge der A tegenover het Vissersbrugje in Groningen in de kost. Iedere maandagochtend ging hij met de trein van Winschoten regelrecht naar station Noord waar de school stond. Daar kreeg ie les in landbouw, veeteelt, economie en boekhouden. Tussen de middag warm eten in het huis bij het Vissersbrugje en dan tot een uur of vier weer naar school en flink wat huiswerk maken. Heel soms ging hij uit, met andere aanstaande boeren naar een boerenkroegje in de buurt. Ik weet nog dat ie daarom lachte en zei: ‘Zaten wie hail degelk te wezen mit aal die boeren.’ Nu lach ik daar ook om, want later zat ie in allesbehalve degelijke kroegen aan het Hoge der A.
Mijn vader had liever naar de HBS gewild en dan diergeneeskunde studeren in Utrecht. Oma Barbertje had er wel begrip voor, maar opa Bertus dacht er anders over: ‘ULO en de landbouwschool, dat is genog.’ M’n vader legde zich daarbij neer, want ja, zo ging dat vroeger.
Een vriendin van de dochter studeert dat en daar nu, diergeneeskunde in Utrecht. Altijd als ik daar iets over hoor, denk ik aan mijn vader en wie weet had mijn broer dat ook wel gestudeerd als ie.
Om mijzelf niet weer te verliezen in het verleden en wat-als vragen, ging ik verder met opruimen. Oude foto’s, mijn inentingsboekje uit 1968, een A4tje met uitspraken van opa Bertus – verzameld door de kippenoom – waaronder ik bin gloeiend vergreld (ik ben loeikwaad) en as hoar op n hond (als iets heel dichtbegroeid is, bijvoorbeeld gras).
Maar waar moest ik dat papieren verleden laten? Weggooien kon niet. Terug stoppen in het laatje, maar dan netjes?
Binnenkort zouden man E en ik het oude cilinderbureau dat van mijn vader en opa was geweest ophalen bij familie R. Ooit had ik daar de foto’s en papieren uitgehaald, kon ik ze er straks mooi weer instoppen.



