Dagboek CQ 2020, dag 1 gaat over contact

Puberdochter heeft COVID. Vanaf maart noemde ik het corona, maar nu het ineens in ons huis rondwaart, heeft het virus een upgrade gekregen. Als ik heel eerlijk ben, heb ik het ook liever over gymnasium dan over vwo, sauvignon blanc in plaats van droge witte wijn. Maar dit snobisme terzijde.
Vanochtend belde de GGD haar met de uitslag. Met haar hand voor de speaker van de telefoon kwam ze vragen hoe onze huisarts heet, ik dacht nog naïef, zal wel voor een vriendin zijn die in de problemen zit of zo. Maar toen ze even later beneden kwam, bleek ze positief getest.
Puberzoon werd direct uit zijn afwasbaantje gebeld en toen begon het grote gestress: Wat nu? Hond M? Boodschappen? En de woede: thuisblijven?! Het is gvd herfstvakantie! En de angst: hoe groot is de kans dat we op de IC belanden? En het zelfmedelijden: het is al zo’n waardeloos jaar, ik heb al kanker gehad, nu ook dit nog.
Feiten hadden wij nodig om orde in de gezinschaos te scheppen, vooral man E en de puberzoon hadden daar behoefte aan. Beide gingen ze de regels van het RIVM fileren. Het ging zover dat ze zich afvroegen wat er precies bedoeld wordt met ‘contact’. Puberzoon mailde met de GGD. Hij was vanaf dinsdag niet in ‘contact’ geweest met zijn zus, dus dan golden de regels misschien niet voor hem. De GGD antwoordde verbazingwekkend snel dat contact betekent, langer dan 15 minuten op minder dan 1,5 meter afstand van de besmette persoon. Deze vorm van contact had hij met zijn zus niet gehad. Ze hadden al een dag of vier, vijf, niet meer samen aan tafel gezeten vanwege voetbal- en hockeytrainingen.
Opkomende vragen waren: Kunnen we het hem verbieden, ook al is hij bijna 18? Willen we dat überhaupt? Ook al begrijpen we heel goed dat zijn vakantie totaal verknald is? En wat heeft het voor zin? Man E begon ook al klachten te vertonen, en daarmee had hij wel ‘contact’ gehad.
Ik ging de regels zelf ook maar eens bekijken en vooral ook interpreteren. Ik las dat je toch boodschappen mag doen als je een huisgenoot bent zonder klachten. Snel de auto in, op met mondkap naar de supermarkt. Tussen de zuivel en bolletjes voelde ik me een paria. En een hamster. Gelukkig komt vanaf nu de kruidenier uit Oostzaan twee keer per week voorrijden.
Ondertussen reageerden mensen uit onze omgeving lief – ‘Kunnen we boodschappen voor jullie doen? Zullen we hond M uitlaten?’ en verontrust – ‘Quarantaine?! Oh jee, wat erg, wat zijn de klachten?’
Moest ik zelf niet ook wat banger zijn? Ik ging de kans om terecht te komen op de IC maar eens berekenen. Dat viel mee, volgens mijn berekeningen was die maar 0,03%. Man E, waarbij de E hier lineair voor de E van econometrist staat, rekende het wat beter uit en kwam op een percentage van 4, een stuk meer. Maar wat koop je daarvoor?
Na de nodige ruzie met diezelfde E over het snijden van een komkommer, het op juiste wijze aanmaken van de dressing en wie er recht had op het laatste glas wijn, liet ik samen met puberzoon hond M uit en installeerde de Wordfeud app weer op mijn telefoon.
Oh ja, bijna vergeten, de klachten van puberdochter vallen mee. Beetje keelpijn en wat snotterig. Man E laat zich morgen testen. Als die uitslag positief is, kan het gestress, zelfmedelijden, woede en angst op dag 2 weer opnieuw beginnen.

Eén gedachte over “Dagboek CQ 2020, dag 1 gaat over contact”

Geef een reactie op aafenir Reactie annuleren