‘Ja, met je oom, uit Groningen.’
Zes simpele woorden komen uit de speaker van mijn telefoon. Hij geeft door dat hij graag met zijn vrouw naar het feest komt.
‘Hoe gaat het?’
Ja, er was de nodige stress hier. De tienerdochter is met de centrale eindexamens begonnen, wiskunde B vandaag. Samen met nog 77 anderen zat ze drie uur in de gymzaal. Een rekenmachine, een geodriehoek en twee mueslirepen in haar tas. Eenmaal thuis gokte ze op een 6,5. Maar wie weet… als de N-term omhoog zou gaan. En die gaat, zeker te weten, omhoog aldus Menno. Ik kende hem natuurlijk niet, hij bleek dé wiskundeheld van scholieren. Math met Menno, zijn videokanaal op YouTube heeft 116K volgers. Ik bekeek z’n laatste filmpje waarin hij direct na het examen zijn mening gaf. Het was heel erg moeilijk geweest, vooral omdat er veel opgaves waren die niet vaak voorkomen op eindexamens. Zoals daar waren: de gedraaide parabool met de knik, de absolute sinus, logaritmische functies waarbij je goed moest zijn met ‘ln’ en ‘e’ en meetkunde met bissectrices. De opgave over de horizontale asymptoot was gelukkig wel te doen. Menno wist het zeker, bij zo’n moeilijk examen paste een N-term van wel 2. Alhoewel ik de begrippen fascinerend vond, was ik toch vooral gefocust op zijn nauwelijks knipperende ogen en het borstzakje waar een grafische rekenmachine uitstak. Nee, zei de twintiger die met mij meekeek, dat was zijn telefoon, nodig voor het geluid van de opname van het filmpje. Daar stond ze, de vijftiger, op haar plek.
‘We zijn net terug uit Griekenland.’
Oh ja, dat was waar ook, zijn zoon, mijn neef, verhuurt daar met zijn vrouw vakantievilla’s. Het ging over vliegangst, over hoe ouder je wordt hoe minder toekomst en hoe meer verleden je hebt.
‘Ja man, 81 ben ik al.’
We hingen op. Ik had hem nog willen vertellen over het huis in Usquert, de vakantie naar Ierland, de pioenrozen die bijna uitkwamen, het cadeau wat we voor onze bijna 18e-jarige tienerdochter hadden gekocht, de quick getaway van de twintiger… maar dat zou toch raar geweest zijn. Hij was mijn vader net niet.
Categorie: Gezin
Stukjes over hoe je niet en wel weet hoe je wel en niet met je kinderen moet omgaan.
Lasciami
Vannacht werd ik wakker voordat haar wekker afging. Even later hoorde ik het doorstromen van de wc, het gepoets van tanden, ritsen die werden dichtgetrokken, gefluister Ik hou van je, mam en gevloek Fuck, ik ben mijn oplader kwijt. De voordeur ging open en dicht, de rolkoffer snorde op de stoep, de auto zoefde weg. Man E bracht tienerdochter in het holst van de nacht naar Schiphol. Hij zette haar af bij vertrekhal 3 en herhaalde nog eens dat ze bij balie 28 moest inchecken. Jaha. Daar zouden nog zo’n 150 jongens en meiden zoals zij staan om naar Rome te vertrekken. Het gymnasiale hoogtepunt. Vorige week had ze de toets over cultuurgeschiedenis van Rome met glans gemaakt. Alles wist ze over Michelangelo en de Sixtijnse kapel, de hele plattegrond van het Forum Romanum kende ze uit haar hoofd. Romeinse keizers? Je hoefde haar er niks over te vertellen. Zaterdag toen moeder A en nieuwe broer R op bezoek waren, vertelde ze nog vol vuur over ‘Apollo en Daphne’, een beeld van Bernini. Die Daphne verandert in een laurierboom, uit haar vingertoppen groeien zelfs zulke blaadjes!
Maar ze is zestien en daarom lag ik wakker, ook toen ze al lang en breed in het vliegtuig zat. Ik dacht aan Nederlandse meisjes en Italiaanse jongens. Glad. Grijpgraag. ‘Lasciami’ moet je zeggen als ze je lastigvallen. Laat me met rust. Ik dacht aan de fantastische week die voor haar lag, dat ze alle Latijnse theorie nu in het echt ging zien. Druk en gezellig met vriendinnen ging liggen keten op een hotelkamer. Keten? Mam? Kom op zeg. Pizza’s en cappuccino’s bestellen. Wie weet nog een echt Italiaans vintage shirt kopen. Ik dacht aan jong zijn.
Nog vier nachten, dan staat ze in de aankomsthal. Met een hoofd vol verhalen over hoe de Latijnse geschiedenis er in het echt uitzag, over onderling drama, teruggestuurde leerlingen en te weinig slaap. Meer nog dan zij zou willen vertellen, zou ik alles willen weten. Lasciami, mamma.
Op-slot-boek-7 De elite
Hadden we net een hoopvolle email ontvangen van de rector van tienerzoon – geen medewerkers, geen leerlingen positief getest – bleek er twee dagen later toch weer een leerling met covid. In de klas van tienerzoon, ‘Nee, mam ik heb nog nooit naast haar gezeten!’ De halve klas ging in quarantaine, wat wel weer goed uitkwam met de anderhalve meter afstandseis op middelbare scholen die Rutte ineens uitvaardigde.
Ikzelf verdeed mijn tijd ondertussen met Bridgerton, natuurhuisje.nl en de podcast van Teun van der Keuken en Gijs Groenteman, een soort René van der Gijp en Johan Derksen. Maar dan elitair. Alleen de leader al: ‘Dit is de stem van de elite. Om lekker links, lekker rijk in je witte wijk van te genieten.’ En dat deed ik. Maar hoor je erbij, bij de elite als je links, wit en rijk bent? Dat vroeg ik mij af. Mag je jezelf elitair noemen als je een boerendochter bent? Als je zelf geen geld verdient? Antidepressiva slikt? Aan de andere kant, ik heb een labradoodle, een kind op een hoofdstedelijk categoraal gymnasium, een personal trainer… En wie bepaalt wie er wel of niet bij hoort? Teun en Gijs zelf misschien wel. Ik heb het ze via Instagram gevraagd, maar geen reactie. Dat kan ook komen door mijn moeizame relatie met dit sociale medium. Tienerdochter heeft gelukkig een briefje voor mij gemaakt, hoe dit stukje op Insta te posten. Als ik Insta zeg, lacht ze me uit.
1 maak screenshot van je stukje
2 ga naar verhalen, swipe omhoog en kies
3 klik op de t van tekst en schrijf waar je wilt + link in bio
Vooral dat link in bio, professioneel!
Man E kan Gijs Groenteman niet verdragen. En nu is ie ook nog wekelijks op tv, samen met Marcel van Roosmalen in het programma Media Inside. En Gijs kwam ook nog langs bij Jinek, met Teun en Marc-Marie en Aaf om te praten over hun podcasts. Heerlijk, ik bleef ervoor op. Ik hou van sterren. Zijn het wel sterren eigenlijk? Nou ja. Toen ik tijdens een dagje Amsterdam in 1985 Jenny Arean (!) op straat had gezien, noemde ex R mij al starfucker. Speaking of which, Álvarez woont bij ons in de straat, hij heeft een mintgroene Porsche en afgelopen week was Haller bij hem op bezoek, aldus buurvrouw J.
Ja, zo word ik natuurlijk nooit toegelaten tot de elite.
Op-slot-boek 2020-6 De brilstand

Voor het uitzoeken, laten maken en plaatsen van een grafsteen heb je een lange adem nodig. Ja, heel grappig ja. Grote broer R en ik stelden het een tijdje uit, maar aan het einde van de zomer zochten we een mooie steen uit. Ik heb het er hier al eerder over gehad, een steen uit hetzelfde Oostenrijkse gebergte als die van mijn broer. Natuursteenbedrijf T had alle gegevens uit 2001 nog, ook het lettertype dat destijds was gebruikt. Een bronsgieter ging aan de slag, maar na een dikke maand hadden we nog niks gehoord. Na wat aandringen kregen we een mail. Daarin stond onder andere dat de letters bij dezelfde bronsgieterij gemaakt waren, maar totaal afwijkend bleken van ‘de inscriptie van de bestaande steen’. Natuursteenbedrijf T maakte vervolgens ‘detailfoto’s ter plaatse’ en belde en mailde alle Nederlandse bronsgieterijen met de vraag of zij dit lettertype wel konden leveren. Dat lukte en broer R en ik waren blij met alle moeite die ze erin staken. Vorige week was het eindelijk zo ver. Ik kreeg foto’s per mail, grote broer R ging direct kijken. Resultaat? De steen was verkeerd geplaatst en de letters zaten niet goed vast. KOOS lag op de grond. R heeft de letters mee naar huis genomen en liet mij ze al face timend zien. Om de moed erin te houden, zette hij de letters op zijn neus. Precies op dat moment kwam man E binnen en vroeg hem: ‘Heb je een nieuwe bril?’
Excuses van natuursteenbedrijf T, ze kwamen KOOS direct ophalen en opnieuw vastlijmen en ook alle andere letters checken.
En die verkeerde plek? De steen van mijn vader staat te ver naar voren en niet één lijn met alle andere graven in de rij, ook niet met die van mijn broer. Natuursteenbedrijf T zei dat ze op de plek waar de piketpaal was geslagen zijn gaan graven. Beheerder A van de begraafplaats speelde de bal terug en wist zich ineens ook nog te herinneren dat de steen van mijn broer 20 jaar geleden te ver naar achteren was geplaatst en dat hij dat toen ook tegen mijn vader had gezegd. Nou, beheerder A, ik zal het mijn vader wel even vragen. Of nee, beter moeder A, die kan zich het misschien nog wél herinneren. Je kunt huilen om de liefdeloosheid van dit hele gebeuren en je kunt hard lachen dat de steen van mijn vader het verst vooraan staat van de hele rij. Haantje de voorste, ja, toch grappig ja. Het laatste nieuws is dat beheerder A het probleem afgelopen week met het bestuur heeft overlegd. Grote broer R en ik doen ondertussen net of we daar alle vertrouwen in hebben.
Wat dit allemaal met de lockdown, toch het onderwerp van deze stukjesreeks te maken heeft? Nou, niks.
Op-slot-boek 2020-5 Nieuwe armen
Ik heb warme chocolademelk voor personal trainer D meegenomen. De wereld op zijn kop, ja. Maar dat staat ie al langer. Tergend langzaam vaart er in de mist die boven de Amstel hangt een vrachtschip voorbij, alsof de schipper het tempo heeft aangepast aan de duur van een van de ergste oefeningen: in een squat staan, rechte rug, ontspannen schouders, tenen omhoog, beetje op de zijkant van de voeten, in elke hand een gewicht van 2,5 kilo (denk ik, het kan minder zijn, maar zo voelt het niet) en dan de armen zijwaarts heffen.
Toch blijf ik lachen. Ik lach als ik de battle rope (trainingstouw) op en neer zwaai en denk aan mijn middelbare leeftijd. Ik lach als ik mij met een suspension trainer (koord met handvaten dat aan een boom hangt) opdruk en denk aan borstkanker. Ik lach als ik drie sets van 15 deadlifts (stang met gewichten vanaf de grond optillen) doe en mijn vader hoor zeggen, ‘t kost een poar centen, moar din hest ook wat. En ik lach wat besmuikt als hij in mijn andere oor zegt: ‘Peerdje het veul stro neudeg.’ Mijn vader heeft al dat stro ook nog betaald… en als je het zo bekijkt, mij die nieuwe armen gegeven. Voor de kerst.
Al dat gesport kan natuurlijk niet alleen maar goed zijn. En inderdaad. Om dat uit te leggen, eerst wat voorkennis. Lelijke woorden, goede afloop. Bij mijn borstamputatie dik tien jaar geleden zijn ook okselklieren weggenomen. Dit heeft mij een arm die gevoelig is voor oedeemophoping bezorgd. Regelmatig naar fysio A en zo vaak mogelijk armkousen aan. Huidkleurig. Ik heb een aparte voor ’s nachts, ook huidkleurig, maar nog dikker en strakker. Zo’n nachtkous, daarvan heb ik net een nieuwe op maat ontvangen, na veel gezeur vergoed door de verzekering. Guess what? Door al dat getrain zijn mijn armen geslonken en is de kous veel te wijd.
Ondertussen thuis gaat het over Quincy Promes met z’n losse handjes en Thomas Acda met z’n sterrenstof. Vage vrienden van tienerzoon roepen op Insta op om te stemmen op Van Haga van het Forum. Een vriend van tienerdochter wordt preventief getest in verband met de aanstaande kerstvakantie naar familie in het buitenland en op FB staan een paar duimen omhoog voor het fluitconcert naast het torentje van Rutte. Gelukkig hebben we Michael Bublé nog. De hele dag. Op repeat. Mis deseos/Feliz Navidad is mijn lievelings.
I wanna wish you a Merry Christmas
Celebremos juntos la vida
I wanna wish you a Merry Christmas
Y que viva la alegría
Man E is er helemaal klaar mee.
Nog even wat filosofie om de komende dagen op te kauwen. Cabaretier en filosoof Tim Fransen schrijft in het artikel ‘De stoïcijn als medicijn’ in de Volkskant: ‘Een gedachte die alle stoïcijnen met elkaar gemeen hadden: wijsheid gaat over de verhouding tot jezelf. De wereld om ons heen ligt grotendeels buiten onze macht; het is dus zaak in elk geval heerser over onszelf te worden.’
Ben ik toch goed bezig met mijn nieuwe armen, maar eerst gaan ze even plat. Op de bank. Netflix. The Prom.