Geweten

Nog één dag en het zou zover zijn. Acht dagen Lapland, met het hele gezin, inclusief husky’s, rendieren, sneeuwscooters… en hopelijk het noorderlicht. Een paar dagen geleden had ik al een test gedaan, vanwege licht snotteren, beetje hoesten, kriebelende keel. Negatief. Maar nu dé reis binnen 24 uur zou beginnen, begon mijn geweten op te spelen. Keelpijn was er nog, hoestje ook, mijn neus liep nog… Weer een zelftest doen? En het risico lopen op een positieve uitslag of de gok nemen en gewoon het vliegtuig instappen, meer dan een griepje was het niet. Nee, de IC- bezetting zou echt niet toenemen als ik lekker met vakantie zou gaan. We waren ook al ingecheckt, rij 4.
Vorige week, op Gran Canaria, terwijl ik op uitzending gemist naar ‘Sander en de kloof’ keek, hadden mijn geweten en ik het ook al zo druk. In één maand twee keer met vakantie, mag dat eigenlijk wel? Je weet toch niet hoe lang je nog met moeder A op vakantie kunt, geniet er gewoon van. Je hebt dat geld van je vader toch, doe er toch lekker leuke dingen mee. We zouden het ‘ik heb al tien jaar geen kanker jubileum’ toch nog vieren? Vorige keer ging het weekje Napels door corona ook al niet door. Dit is toch een van de laatste keren om met het hele gezin op vakantie te gaan, dan moet je ook wel met iets goeds komen, anders krijg je de kinderen niet mee… Ja, nee, echt er waren genoeg goede argumenten te bedenken dat twee luxe vakanties in één maand gewoon prima is. Ondertussen vroeg Sander Schimmelpenninck zich af hoe Nederland een land van gelijke kansen blijft.

Saami noemen de Noorse, Zweedse en Finse Lappen hun eigen regio. Het betekent zoiets als samen. Samen naar Lapland.

Man E zei dat ik niet moest testen, straks weet je het en dan? Tienerdochter zei: ‘Niet testen mam?! Dat kun je gewoon niet maken.’ Tienerzoon vond dat de omikron variant niet veel voorstelt, dus we konden gewoon met vakantie gaan. Ik dacht, ik weet het niet, en ik dacht ook dat we geen zelftests meer hadden, en wist mijn geweten daar even mee te sussen. Tot ik in de slaapkamer van tienerdochter toch nog één zag liggen. Toen dacht ik aan zorgmedewerkers, recht in de spiegel kijken, rendiervlees en een huskyslee en oh ja, springen in een ijswak, daar dacht ik ook nog even aan. En aan man E die in de auto op weg naar het oosten zat om hond M naar het logeeradres te brengen, ook lullig als ie om zou moeten keren.
PostNL belde aan, een pakket vol thermokleding, precies op tijd. En toen begon het geweten te hard te roepen. Doos open, staafje in de neusgaten, druppelen en binnen paar seconden zag ik de tweede streep al tevoorschijn komen. Zelf kon ik geen woord uitbrengen, het ene kind tierde, het andere zei niks en man E op de speaker zei dat ik moest handelen. PCR test, annuleringsverzekering, reisorganisatie. Vanaf dat moment ging er heel veel fout. Ik deed een verkeerde test, ging troost zoeken bij mensen op FB, ruziemaken met diverse gezinsleden, feiten met emoties verwarren en andersom. En daar kwam het geweten nog bij: Dit is toch zeker niet het einde van de wereld? Het is maar een vakantie. Je krijgt toch al je geld terug? Dan ga je toch met kerst? Je bent toch net met vakantie geweest? Hoef je in het holst van de nacht ook niet naar Schiphol. Wees blij dat je milde klachten hebt en de andere drie negatief zijn… Het geweten wist van geen ophouden, totdat ik haar met een paar glazen wijn murw had geslagen.
’s Avonds aan tafel hadden we het er met ons vieren over, ik kan niet echt zeggen dat we er saami uitkwamen, daarvoor hadden we nog te veel de smoor in. Behalve hond M die kwispelend op de eendenpootbotjes afkwam. Maar ja, zij heeft geen geweten.

Stilstaan

{Brieven aan mijn vader}

Je huis is zo goed als verkocht, pap. Waar moet je nu wonen? Ga je mee met je man? Naar een mooie, rustige plek in Westerwolde? Liefst met oeverloos uitzicht over de velden? Of terug naar Zoutkamp waar je wieg stond in het dubbele huis aan de Grachtstraat? De pachtboerderij in Blijham misschien, waar je in je kinderjaren met je broer en drie zussen woonde? Waar je sierduiven hield, naar de boeren- en middenstandersgymnastiekclub ging, piano speelde en je vader hielp met de graanoogst… Of je gaat weer op kamers, of beter gezegd, in de kost want je kreeg er ’s middags een bord warm eten, aan het Hoge der Aa in Stad.
De boerderij in Bellingwolde dan? Daar heb je twee keer gewoond, eerst met je oude gezin en later toen je ouders gingen verhuizen en jij en je broer het bedrijf overnamen, trok je er met je nieuwe gezin in. Het was maar twee huizen verwijderd van het huis wat je kocht voor 26.000 gulden en waar wij zijn geboren.
Terug naar je ex-vrouw kan ook, maar ik denk niet dat dat een goed idee is. Alleen Amsterdam al… Bij mij thuis is dan ook geen optie. Ik mot er nait aan denken, in zoo’n grode stad.
En Noord-Drenthe, is dat wat? Weer in het mooie huis met het rieten dak? Waar je barbecuede op het terras naast de vijver met je kleinkinderen? Nee, te veel werk die tuin denk ik. Misschien wil je wel gewoon in het oude postkantoor blijven. Je hebt dat altijd een prachtig huis gevonden, behalve die trap dan…
Ik maak me druk over waar je nu moet wonen, maar ik vergeet helemaal te vertellen dat je man ’t hoes nait verschoten het. Echt, de prijs is goed, sowieso meer dan 26.000 gulden, en daarmee kan hij weer verder.
Maar ik wil graag nog een tijdje stilstaan. Voordat de dozen komen, het opruimen begint en al je spullen ook door mijn handen gaan. De strippenkaarten die je nog bewaard hebt, ook al heb je nog nooit een GADO-bus van binnen gezien. Het diploma van de Middelbare Landbouwschool, de foto’s die ik je voor het digitale tijdperk gaf van je kleinkinderen, netjes bij elkaar in een envelop. Je roze poloshirt, je bril, je portglazen, je badjas, de bloempotten, het gereedschap dat nog uit de boerderij komt, je sigaretten…  
Misschien moet je gewoon bij je zoon blijven. Daar waar je altijd zult zijn, samen in het land van de baauwten en de boerderijen.

Marathonpoep

{Brieven aan mijn vader}

Ja pap, herfstvakantie is het. Met recht de stomste vakantie van het jaar. Meestal valt de sterfdag van je zoon erin, nu alweer 21 jaar geleden. En ook de eerste officiële kankerdag van mij, 12 jaar geleden. Jouw verjaardag, 81 maar niet heus… Kortom, te veel shit om op te noemen. Eén lichtpuntje gelukkig, Mokum is jarig. Vijf jaar is ze, 35 in mensenjaren. In plaats van een verjaardagstaart, at ze tijdens de ochtendwandeling een flinke hap marathonpoep. Nou ja, altijd nog beter dan zwerverkak.
Weet je nog dat ik je vertelde dat we een hond zouden krijgen? ‘Kist wel nait wies wezen’, zei je, ‘Wat mouten joe wel nait mit n hond in Amsterdam?’
Nou, om te beginnen noemden we haar Mokum. We lieten haar langzaam wennen aan metro’s, trams en treinen. En aan vuurwerk en gehei in de wijk. We lieten haar het Amsterdamse Bos zien, de Oudekerkerplas en de zee. En als we haar meenamen naar jou, naar Winschoten, noemden we haar Sodom. En vlijde ze zich naast je voeten. Aaien en vertroetelen daar was je niet van, maar je wilde best op haar passen, als wij een weekend weg wilden. Je las ook altijd de column die ze in de wijkkrant heeft. Ze is net weer bezig met een nieuwe, ik heb stiekem even gekeken. Hij gaat over trimmen en of het wel of niet belangrijk is, dat je er goed uitziet. Als hond dan hè?
Zometeen loop ik even met haar en je kleindochter naar de dierenwinkel op de hoek. Mag ze iets lekkers uitzoeken. Zul jij wel onzin vinden, maar ik doe het toch maar.

Lasciami

Vannacht werd ik wakker voordat haar wekker afging. Even later hoorde ik het doorstromen van de wc, het gepoets van tanden, ritsen die werden dichtgetrokken, gefluister Ik hou van je, mam en gevloek Fuck, ik ben mijn oplader kwijt. De voordeur ging open en dicht, de rolkoffer snorde op de stoep, de auto zoefde weg. Man E bracht tienerdochter in het holst van de nacht naar Schiphol. Hij zette haar af bij vertrekhal 3 en herhaalde nog eens dat ze bij balie 28 moest inchecken. Jaha. Daar zouden nog zo’n 150 jongens en meiden zoals zij staan om naar Rome te vertrekken. Het gymnasiale hoogtepunt. Vorige week had ze de toets over cultuurgeschiedenis van Rome met glans gemaakt. Alles wist ze over Michelangelo en de Sixtijnse kapel, de hele plattegrond van het Forum Romanum kende ze uit haar hoofd. Romeinse keizers? Je hoefde haar er niks over te vertellen. Zaterdag toen moeder A en nieuwe broer R op bezoek waren, vertelde ze nog vol vuur over ‘Apollo en Daphne’, een beeld van Bernini. Die Daphne verandert in een laurierboom, uit haar vingertoppen groeien zelfs zulke blaadjes!
Maar ze is zestien en daarom lag ik wakker, ook toen ze al lang en breed in het vliegtuig zat. Ik dacht aan Nederlandse meisjes en Italiaanse jongens. Glad. Grijpgraag. ‘Lasciami’ moet je zeggen als ze je lastigvallen. Laat me met rust. Ik dacht aan de fantastische week die voor haar lag, dat ze alle Latijnse theorie nu in het echt ging zien. Druk en gezellig met vriendinnen ging liggen keten op een hotelkamer. Keten? Mam? Kom op zeg. Pizza’s en cappuccino’s bestellen. Wie weet nog een echt Italiaans vintage shirt kopen. Ik dacht aan jong zijn.
Nog vier nachten, dan staat ze in de aankomsthal. Met een hoofd vol verhalen over hoe de Latijnse geschiedenis er in het echt uitzag, over onderling drama, teruggestuurde leerlingen en te weinig slaap. Meer nog dan zij zou willen vertellen, zou ik alles willen weten. Lasciami, mamma.

Voage plannen

Brainstorm-document ‘Project050’, fruitbomen, galerie, wandelmogelijkheden, logies… Het duizelt mij. Man E, vriendin B en vriend S zijn al druk aan het fantaseren geweest. Ze hebben alle drie een kleur gekozen om duidelijk te maken welk idee van wie afkomstig is. Alleen die kleur kiezen al… Ik kom niet verder dan Groningen en stilte. Om het duizelen te stoppen, probeer ik bij het begin te beginnen. De kluwen ontrafelen zou man E zeggen.
Als tienerzoon en -dochter het uit huis zijn, wil ik terug naar Groningen. Dat gevoel overviel mij voor het eerst op 9 september 2016. Met een aantal vriendinnen en nichten had ik mijn 48e verjaardag gevierd. Drie kwamen er uit Groningen en reden samen terug naar huis. Ik liep mee om ze uit te zwaaien. Op de achterbank was nog één plek. Ik moest mijn eigen lichaam tegenhouden om niet in te stappen. Mee naar huis moest en zou ik. Maar ja, man, zoon, dochter, het hele Amsterdamse leven.
Begin dit jaar, tijdens het 25-jarige samenzijn uitje van man E en mij, fantaseerden wij over hoe en wat als tienerzoon en -dochter het huis uit zouden zijn. Voor mij was het nog steeds makkelijk: Groningen en stilte. Man E wilde wel Amsterdam uit, maar niet naar Groningen. Te ver en geen petanque.
Deze zomer op de Franse camping kwamen er mysterieuze apps van vriendin B. Ik citeer hier en daar even wat:
… een bijzonder huis in Groningen ergens in de weilanden met een deel dat ik kan verhuren als vakantiehuis. Voedselbosje eromheen, moestuin, hondje, minder werken… en dan kun jij mooi in het vakantiehuis als je in Groningen bent…
En een paar dagen later:
… stel dat onze buurman zou verhuizen, zou je dan belangstelling hebben voor zijn woning? Ik wil het wel voor je verhuren als je er niet bent. Er moet denk ik wel wat onderhoud aan gebeuren…
Als ik zo naar het Franse landschap keek, bomen en gras, leek het mij wel wat. En tot mijn verbazing werd ook man E enthousiast. Excel sheets, verdienmodellen, tweedehuis-hypotheken, ook zijn hart ging sneller kloppen. Er kwam weer een app:
… nieuwsgierig naar jullie eerste ideeën omtrent Groningen en samen iets doen. Tipje van de sluier?…
En ik antwoordde:
… allemaal zo vaag. Wij zijn gewoon gaan fantaseren ook. Omdat wij geld hebben en jullie allemaal creatieve ideeën. En dat we dan samen kunnen combineren. Plat gezegd.
Vaag en plat, ja. Maar genoeg om af te reizen naar het altijd pittoreske vestingdorpje waar vriendin B en vriend S wonen. In een kringetje in het gras – uitzicht op de kerktoren – met hond M en hond S die het wonderwel samen konden vinden, popten de ideeën op: klusschuur, geen snelweg in de buurt, bouwgrond, aardbevingsgebied, veganistisch, grote buitenbbq, privacy, tijdelijke plek voor pas gescheiden mensen, vergadermogelijkheid, zelfvoorzienend… Het begon mij te duizelen. En op weg terug naar het beton van Amsterdam draaide het steeds meer.
Maar toen een jaar geleden de pachtboerderij in Blijham van mijn opa te koop stond, was ik toch ook aan het fantaseren geslagen? Zou dit dan net zoiets zijn? Ik klik Brainstorm-document ‘Project050’ weer open, maar weet nog steeds niet welke kleur ik ga kiezen. Misschien eerst de naam van het project maar eens veranderen in voage plannen.